Woordenboek

Bak- en braadproduct - Bak- en braadproducten gebruik je om vlees of vis in te bakken. Ze zijn gemaakt van plantaardige olie. Gebruik 1 eetlepel per persoon per dag. Kies bij voorkeur voor een kuipje of fles. Hierin zit veel onverzadigd vet.

Cholesterol  - Cholesterol is een vetachtige stof die in de lever wordt gemaakt. Cholesterol heb je nodig als bouwstof voor cellen en hormonen. Er is HDL-cholesterol en LDL-cholesterol. HDL-cholesterol is goed voor hart- en bloedvaten. LDL-cholesterol is slecht voor hart- en bloedvaten.
Ook in je eten komt cholesterol voor. Bijvoorbeeld in eieren en in garnalen. Cholesterol uit je eten heeft minder invloed op het cholesterolgehalte in je bloed dan verzadigde vetten.

Dieetmargarine of dieethalvarine  - De term ‘dieet’ bij dieetmargarine (80% vet) en dieethalvarine (40% vet) heeft te maken met het soort vet en niet met de hoeveelheid vet. ‘Dieet’ betekent dat ten minste 50% van het vet bestaat uit meervoudig onverzadigd vet. De meeste dieetproducten bevatten tegenwoordig 35% of 60% vet.

Dierlijk vet - De oorsprong van vet kan dierlijk of plantaardig zijn. Dierlijke vetten komen bijvoorbeeld van het varken, varkensvet. Een ander woord voor varkensvet is reuzel. Er bestaat ook visolie en rundvet. In België worden de frieten meestal in rundvet gefrituurd. In Nederland zijn deze producten voor de consument bijna niet meer te koop.

Energie  - Zonder energie kun je niet leven. Je kunt het vergelijken met een mobiele telefoon. Deze werkt niet als die niet is opgeladen. Je kunt niet leven zonder jezelf op te laden met energie. Dit doe je onder andere door te eten. Energie wordt uitgedrukt in kilojoules (kJ) (spreek uit kilo –zjoels) of kilocalorieën (kcal).
1 gram eiwit levert 17 kJ (4 kcal)
1 gram koolhydraten levert 17 kJ (4 kcal)
1 gram vet levert 37 kJ (9 kcal).

Halvarine  - Halvarine smeer je op brood. Halvarine is gemaakt van plantaardige olie en bevat 40% vet. Het bevat de helft minder vet dan margarine (80% vet). Vandaar ‘halva…’. Het is een goede bron van onverzadigde vetten en vitamine A, D en E. Besmeer iedere snee brood met halvarine of margarine.

HDL-cholesterol - Dit is het goede cholesterol. Het helpt om het slechte cholesterol dat vastgeplakt zit aan de binnenkant van je aderen los te maken en te vervoeren naar je lever. Hier wordt het slechte cholesterol afgebroken. Daarna verlaat het via gal en darmen je lichaam. Je kunt het goede cholesterol verhogen door vooral voedingsmiddelen met onverzadigde vetten te eten en voedingsmiddelen met verzadigde vetten te vermijden.

LDL-cholesterol  - Het slechte cholesterol. Dit gaat aan de binnenkant van je aders plakken waardoor de aders steeds nauwer worden. Op den duur kan er dan geen bloed meer door stromen. Als dit in je hart gebeurt, krijg je een hartinfarct. Gebeurt het in je hersenen, dan krijg je een herseninfarct. Dit wordt ook wel beroerte genoemd. Het LDL-cholesterol kun je verlagen door zo min mogelijk voedingsmiddelen met verzadigde vetten te eten, of deze te vervangen door voedingsmiddelen met onverzadigde vetten.

Light  - De term ‘light’ op de verpakking van halvarine en soortgelijke producten betekent dat het product niet meer dan 41% vet bevat.

Linoleenzuur - Linoleenzuur is een onverzadigd vet. Je hebt linoleenzuur hard nodig. Aangezien je lichaam het niet zelf kan maken, moet je het iedere dag eten. Linoleenzuur zit onder andere in margarine, halvarine, lijnzaadolie, walnoten en ei.

Linolzuur - Linolzuur is een onverzadigd vet. Je hebt linolzuur hard nodig. Aangezien je lijf het niet zelf kan maken, moet je het iedere dag eten. Het komt veel voor in dieetmargarines, dieethalvarines en zonnebloemolie.

Margarine  - Met margarine kun je bakken en braden en je kunt het op je brood smeren. Het is gemaakt van plantaardige olie. In margarine zit 80% vet. Margarine is net als halvarine een belangrijke bron van vitamine A, D en E. Kies voor margarine in een kuipje of een fles (vloeibare margarine). Deze bevatten met name het gezonde, onverzadigde vet. Gebruik 1 eetlepel per persoon per dag om in te bakken en braden. Besmeer iedere snee brood met margarine of halvarine.

Olie - Olie gebruik je om in te bakken en frituren of om een dressing van te maken. Zij is afkomstig uit zaden en pitten. De naam van de olie zegt van welke plant of boom deze afkomstig is. Zonnebloemolie wordt uit de pitten van zonnebloemen geperst en olijfolie uit olijven. Alleen de naam van slaolie geeft niet aan waar de olie vandaan komt. Slaolie is een mengsel van plantaardige oliën. Meestal van sojaolie en raapzaadolie. Vroeger sloeg men de olie uit zaden. Daar komt het woord slaolie vandaan. Olie is de grondstof voor veel producten: margarine, halvarine, bak- en braadproducten, mayonaise en fritessaus.

Onverzadigd vet  - Onverzadigd vet verlaagt het cholesterolgehalte in het bloed en verlaagt daardoor de kans op hart- en vaatziekten. Het is verstandig om te kiezen voor voedingsmiddelen met veel onverzadigde vetten. Dit zijn plantaardige oliën en producten die hiervan worden gemaakt zoals margarine en halvarine. Noten en vette vis bevatten ook vooral gezonde, onverzadigde vetten. Onverzadigd vet kun je indelen in enkelvoudig onverzadigd en meervoudig onverzadigd. Ze zijn beide goed voor het cholesterolgehalte.

Plantaardig vet - De oorsprong van vet kan plantaardig of dierlijk zijn. Plantaardige vetten zijn oliën die komen uit zaden, pitten en noten van planten. Denk aan pindaolie, zonnebloemolie en olijfolie. Oliën die in Nederland bij kamertemperatuur vloeibaar zijn, bevatten veel onverzadigde vetten. Dit zijn eigenlijk bijna alle oliën. Alleen kokosolie, palmolie en cacaoboter bevatten minder onverzadigd vet.

Verborgen vet  - In veel voedingsmiddelen zit vet dat je niet ziet: verborgen vet. Verborgen vet zit bijvoorbeeld in kaas, toetjes, koek, gebak en vlees. Omdat verborgen vet meestal verzadigd vet is, is het beter dat je er niet teveel van eet. Kies daarom voor magere of halfvolle voedingsmiddelen.

Verzadigd vet  - Verzadigd vet verhoogt het cholesterolgehalte in je bloed en verhoogt daardoor de kans op hart- en vaatziekten. Verzadigd vet komt vooral voor in volle melk, volle melkproducten, vet vlees, vette vleeswaren, volvette kaas, koek, gebak en snacks. Het is belangrijk dat je er niet teveel van eet. Kies daarom voor magere of halfvolle voedingsmiddelen.

Vet  - Vet is een van de voedingsstoffen die energie levert. Per gram levert vet 9 kcal of 37 kJ. Vet heb je nodig als brandstof, bouwstof en voor vitamines. Er is onverzadigd vet en verzadigd vet.

Vitamine A  - Vitamine A heb je nodig voor goed werkende ogen, een hoge weerstand en gezonde huid en haren. Zij zit vooral in margarine, halvarine en bak- en braadproducten. Maar het komt ook voor in vette vis, lever, volle melk en volle melkproducten.

Vitamine D  - Vitamine D heb je nodig voor sterke botten en tanden. Het zit vooral in margarine, halvarine en bak- en braadproducten. Het komt ook voor in vlees, volle melk, volle melkproducten en vette vis.

Vitamine E  - Vitamine E heb je nodig voor je rode bloedcellen en ook voor andere cellen in je lichaam. Het zit vooral in plantaardige olie en producten die hiervan gemaakt zijn zoals margarine, halvarine en bak- en braadproducten. Het zit ook in brood, graanproducten, noten en zaden en groenten en fruit.

Zichtbaar vet  - Voorbeelden van voedingsmiddelen met zichtbaar zijn bijvoorbeeld margarine, halvarine en bak- en braadproducten. Gelukkig zijn zichtbare vetten vaak de gezonde, onverzadigde vetten (uitzonderingen: roomboter, cacaoboter). Ze zijn dan ook een goede bron van energie en leveren bovendien vitamine A, D en E.

Voorlichtingsbureau Margarine Vetten en Oliën - 070 3908634 - info@voorlichtingmvo.nl Sitemap | Disclaimer | Colofon